Quicklit #5 – gelezen in april

Halverwege de maand deel ik , net als vele anderen hier op het wereldwijde web, wat ik de maand voordien gelezen heb. Het idee haalde ik bij wat voor mij de boekenblog der boekenblogs is: Modern Mrs. Darcy. De recensies zijn heel kort en krachtig, geen uitgebreide besprekingen. Net genoeg om misschien je nieuwsgierigheid te prikkelen.

French Fried – Chris Dolley
Ik had een hele grote behoefte aan iets luchtigs en toen leverde wat rondklikken op Kobo+ me deze op. Ik heb echt voortdurend hard moeten lachen (en dat is een zeldzaamheid in boeken voor volwassenen, vind ik). Typisch Engelse humor, vooral in de licht onderkoelde manier van schrijven in combinatie met uitzinnige “dit geloof je toch niet” situaties. Tonnen zelfrelativering. Het is waargebeurd, maar je kan het zo niet verzinnen: Engelsman verhuist naar Frankrijk en ontdekt na 7 maanden dat hij onderweg werd opgelicht, waardoor het boek zelfs nog een (ont)spannende whodunit wordt. Hilarisch, en het bracht fijne herinneringen boven aan “les carnets du Major Thompson” van Pierre Daninos.

Paris Letters – Janice MacLeod
Ook wat luchtiger, maar ik was wel onder de indruk (want ook dit is waargebeurd) want dat je met zo’n eenvoudig idee je brood kan verdienen! Auteur zat vast in haar copywriter job, bedenkt dat ze daar graag mee wil stoppen en gewoon niks doen, berekent hoeveel ze daarvoor moet sparen, bedenkt dat ze met dat sparen al niks mis kan doen en hup! Ze geeft alles op en gaat gewoon. Uiteindelijk verdient ze haar brood met geïllustreerde brieven vanuit Parijs. Simpel maar geniaal. Inspirerend in die zin dat het me ontzettend veel goesting gaf om ook terug wat meer te schrijven.

Un livre, un arbre et des emmerdes – Julien Simonet
De eerste van Boobox en boenk erop. Een boek dat bij mij, onverwacht, nog wat is blijven hangen. Alex geeft zijn job op om een boek te schrijven. Later kom je erachter dat hij rouwt om zijn beste vriend. Zijn vrouw laat hem zitten en hij dreigt zo zijn zoontje te verliezen, tenzij zijn boek, dat goed is, een bestseller wordt. Een uitgeverij vinden is echter lang niet zo evident.
Juliette wordt kinderloos maar mét rinkelende eierstokken gedumpt door haar partner en blijkt dezelfde naam te hebben als een hippe uitgever.
Je ziet het al aankomen, maar toch blijf je lezen. In mijn geval heb ik het willen wegleggen omdat het einde dat eraan leek te komen echt niét het einde was dat ik wilde lezen. Gelukkig kwam er een onverwachte wendig en is het einde cheesy en happy en ik verbaasde mezelf dat ik dat blijkbaar echt wilde. Echt, als er kleine kinderen aan te pas komen, dan doet zelfs mijn literaire hart rare dingen, maar ik heb het dus uit kunnen lezen. Gelukkig.

Het is de liefde die we niet begrijpen – Bart Moeyaert
Alleen al voor de titel zou je dit boek toch mee naar huis nemen? Maar ook voor de auteur natuurlijk. Niets dan liefde voor de auteur. Bevreemdend boekje, eigenlijk, niet helemaal wat ik ervan verwachtte denk ik. Niet dat ik precies weet wat ik dan wel verwachtte. Beklijvend wel. Snippers uit een dysfunctioneel gezin: een stiefvader die zijn handen niet thuis kan houden, een moeder in volle ontkenning, jonge kinderen die meer zien dan ze zouden moeten en een puber die slingert tussen kwaadheid, liefde voor zijn zussen, onmacht, weg willen. Allemaal super suggestief en ontzettend raak.
(En ik begrijp er niks van. En alles. En dat is nu juist ook weer het punt.)

Het zwaard van de waarheid – Terry Goodkind
Eerste boek in de reeks De wetten van de magie. Ik was ervan overtuigd dat ik dit lang geleden al eens had gelezen, maar ik herinner me er echt niets meer van. Lekker oldschool fantasy, goed versus kwaad met wat nuance tussenin. De “gewone” Richard Cypher redt per ongeluk een intrigerende vrouw Kahlan en raakt zo verwikkeld in de ultieme poging om de wereld te behoeden van de saddhistische heerschappij van Darken Rahl. Zijn beste vriend blijkt de gevluchte oude tovenaar Zed en hijzelf de Zoeker die het Zwaard mag hanteren.
Leest vlot, maar het is ook ontzettend cliché: hoe de onmogelijke liefde toch mogelijk wordt door pure en ware liefde… meh. Schrappen was misschien wel een goed idee geweest hier, want op het einde begon ik passages schuin te lezen.

Nergens is het wester

Met, eindelijk nog eens, een podcast over mijn oren, ontsnapte ik daarnet voor een klein uurtje aan het huis, aan de kregelige kinderen, aan de echtgenoot die veel te vrolijk was na een dag telewerken. Ik had het gevoel dat je me kon uitwringen, ik was bokkig en kwaad en mijn geduld was op. Dus ging ik naar buiten. Alleen. En deugd dat het deed.

Nog steeds overvalt me hier soms het gevoel dat ik op vakantie ben. Niet dat het hier zo rustig of stil is, of het uitzicht zo fenomenaal apart, of dat de zon altijd schijnt (al verdenk ik ons dorp wel van een eigen microklimaat)… maar meestal word ik gewoon blij van wandelen langs de velden en straten van de buurt. We wonen hier nu bijna tien jaar en het is wellicht de laatste plaats waar ik mezelf had verwacht, maar het voelt helemaal juist. Ook al ligt het ver van alles, vooral dan van de snelweg, welke snelweg dan ook. Daardoor doet mijn man er belachelijk lang over om op zijn werk te geraken en ben ik zelf ook een klein half uurtje onderweg met de auto. (Met de fiets, als ik in conditie ben, kost het me overigens een uur, en dat stond op het programma voor de lente en zomer. Maar nu gebruik ik mijn fiets om hier in de buurt rond te hotsen, en dat bevalt me ook best.)

De leukste momenten om te wandelen vind ik de vroege ochtend of de avond, net voor de zon begint onder te gaan. Dat licht over de velden, zeker nu… de grassen die deinen als de zee en dan al die veldbloemen ertussenin. De geur van honing in de lucht en vooral: het gevoel van ruimte.

Ik ben een inwijkeling, hier toevallig verzeild geraakt. Buren en vrienden uit de buurt komen zelden van verder dan een paar dorpen verderop. Ik ben geboren in wat ze hier “de Vlaanders” noemen. Het accent (dat ik al niet in grote mate had, zelfs na twintig jaar) is bijna volledig weggewerkt, maar ik blijf hardnekkig ‘piempajoentjes’ zeggen tegen lieveheersbeestjes en ‘schelletjes kaas’ waar ze hier sneller ‘sneetjes’ zullen zeggen. Na een verschrikte blik van mijn oudste heb ik ‘strontjes’ dan toch maar door hagelslag vervangen, dat is wel zo duidelijk…

Maar zo wandelen langs de velden? Dan wandelt een deel van mij ook in die Vlaanders, de polders waar we langs rijden op weg naar zee, waar we eindeloos veel lessen wereldoriëntatie en aardrijkskunde over kregen. En met de noorderwind hier in de rug, is het helemaal niet moeilijk om me te herinneren dat je nooit eens wind mee had bij het fietsen, want de wind kwam altijd van overal, en vooral vanuit de richting waar jij net heen moest.

Nergens is het wester dan daar in Vlaanderen, denk ik. Nergens ook is het waaier, popu de lieren zo en rozen de rozen roder. Met hun kont naar de zee staan er de huizen.

Herman Van Veen – uit: Voor het eerst

Heimwee heb ik niet, ik voel me thuis hier. Maar dat het nergens wester is dan daar in Vlaanderen? Dat klopt als een bus.

En nergens is het waaier, dat ook.

Kookboekig verlanglijstje

Het is de tijd van het jaar en inmiddels kan je wel een paar kamers behangen met de wensenlijstjes die overal online verschijnen. Ook wij zijn erg van de lijstjes, en al helemaal sinds we naampjes trekken, zowel in mijn familie als in die van mijn man. Steeds vaker duiken op die lijstjes bonnen op. Ik maak er een sport van om dat niet te doen, vooral omdat ik tegenwoordig zelf graag iets concreets geef, iets wat ik met liefde heb uitgezocht, iets waar ik wat bij voel. Pas op, ik zou best blij zijn met een bon. Het geven ervan vind ik gewoon niet meer zo prettig (in tegenstelling tot vroeger, toen ik zelf bonnen maakte voor van alles en nog wat, iets waar ik nu nog steeds af en toe mee geplaagd word overigens).

Dat betekent dus ook dat mij naar mijn lijstje is gevraagd. Dit jaar heb ik besloten daar boeken op te zetten. Boeken op een wensenlijstje zijn zelden fictie bij mij. Wanneer iemand mij graag een boek cadeau doet, dan hou ik er namelijk van als het een boek is dat ik regelmatig vast pak en waar ik vaak doorheen blader. Kookboeken staan daarbij met stip op één. Ik ben zo iemand die mezelf heeft leren koken uit boeken (ook al had ik thuis steengoede voorbeelden, maar ik ben nu eenmaal een boekenwurm). Een kookboek, dat is voor mij pure ontspanning.

Dit jaar ben ik los voor de vegetarische kookboeken gegaan. Ik eet dolgraag groenten, ben erin geslaagd het vleesverbruik in huis al behoorlijk te verminderen, maar ik zou graag ook mijn man en de kinderen overtuigen met aantrekkelijke gerechten waarin groente de hoofdrol speelt. Ik heb een abonnement op Vegetarian Living en ook al lijkt quasi alles mij daar lekker in, mijn huisgenoten trekken hun neus op als ze naar de foto’s kijken. Nog iets te hoog gegrepen dus. Met mijn verlanglijstje ga ik op zoek naar een uitbreiding van mijn repertoire die ook bij de kinderen in de smaak valt (mijn man die moet maar volgen, haha!).

Veg van Jamie Oliver. Jamie Oliver is geen onbekende in mijn collectie, maar onlangs heb ik een paar van zijn kookboeken weggegeven omdat er wel ja, weinig uit gekookt werd. Deze bleef me echter intrigeren en is werkelijk overal te verkrijgen, wat wil zeggen dat ik hem in de supermarkt al geregeld doorbladerd heb. Wat ik zag, dat stond me wel aan. Het meeste lijkt me redelijk doenbaar en die Bhaji Burger of spinaziepannenkoeken, dat lijkt me wel iets voor mijn kleine monstertjes (al vraag ik me oprecht af of ik pannenkoeken zo mooi felgroen ga krijgen als op de foto).

De dikke vegetariër van Mark Bittman. Een paar goede naslagwerken in de keuken zijn onmisbaar en ik heb zo’n beetje het gevoel dat deze klepper het ‘Ons Kookboek’ van de vegetarische keuken is. Het deelt er namelijk twee dingen mee: het gewicht en de afwezigheid van foto’s (helaas). Verder staat het wel tjokvol met informatie én recepten en het lijkt me heerlijk om me de komende jaren doorheen het hele boek te werken. Zo ontdek je vanzelf wat je ligt en wat niet en hoe je kan variëren.

Meat Free Monday van Paul (en zijn dochters) McCartney. Dit boek leende ik jaren geleden voor het eerst bij de bib en komt sindsdien elke paar weken terug. Echt vaak heb ik er nog niet uit gekookt, maar ik heb er al uren in gelezen en van de vormgeving genoten. Het idee erachter vind ik ook fijn: 52 weken lang elke maandag twee bladzijden recepten zonder vlees om de dag mee door te komen: ontbijt, snacks, lunches en avondeten. De ingrediënten staan vetgedrukt doorheen het recept en sommige mensen vinden dat vervelend, maar mij stoort het niet.

Daarmee kom ik wel even toe, me dunkt. Voor mezelf zou ik soms nog een stapje verder willen gaan en wat meer experimenteren met vegan, maar dat is misschien iets voor volgend jaar. De filmpjes van Bosh! zorgen ervoor dat ik niet op mijn honger hoef te blijven zitten, ik heb één van hun kookboeken in de bib gevonden en… volgend jaar is er weer Kerstmis natuurlijk!

Hebben jullie nog aanraders voor mij en met name voor mijn kroost?